Naarmate mensen meer verantwoordelijkheid krijgen, verandert vaak ook de informatie die ze ontvangen.
Niet bewust. Niet door slechte intenties. Maar mensen beginnen hun boodschappen anders te formuleren.
Problemen worden voorzichtiger gebracht. Kritiek wordt eerst gefilterd. Tegenvallers worden voorzien van context. En tegen de tijd dat informatie de top bereikt, zijn veel scherpe kanten verdwenen. Problemen zijn kansen. Urgenties zijn tegenvallers.
Dat is niet ongewoon. Dit is hoe organisaties vaak werken. Dat ligt aan onze eigen aard als mens.
Mensen willen oplossingen brengen in plaats van problemen. Ze willen professioneel overkomen. Ze willen vermijden dat ze gezien worden als iemand die weerstand biedt. We hechten waarde aan hoe we in de groep liggen.
Daardoor ontstaat soms een merkwaardige situatie. Hoe hoger iemand in de organisatie komt, hoe moeilijker het wordt om te weten wat er werkelijk leeft. En dat is vaak waar externe partijen aantrekkelijk worden.
Consultants worden niet alleen ingehuurd voor hun kennis. Ze krijgen soms toegang tot gesprekken die intern moeilijker geworden zijn. Mensen vertellen hen dingen die ze intern al jaren weten, maar nooit op dezelfde manier hebben uitgesproken.
De ongemakkelijke waarheid is dat organisaties soms betalen om hun eigen werkelijkheid terug te horen.
Niet omdat die werkelijkheid verborgen was.
Maar omdat niemand nog zeker wist wie ze veilig kon benoemen.
Dat heeft gevolgen voor de kwaliteit van beslissingen. Niet omdat leiders verkeerde keuzes maken, maar omdat de informatie waarop ze steunen steeds verder verwijderd raakt van de dagelijkse praktijk.
Misschien is de vraag daarom niet hoeveel expertise een organisatie moet inkopen.
Maar hoeveel ruimte er nog bestaat om intern de waarheid te vertellen.